Tijdens
de bijeenkomst medio november 2005 van drie heren (Huib, Hugo en Rob)
die zich bezig houden met het idee van een reünie van “t
Smurf werden er de onvermijdelijke herinneringen opgehaald.
Wie
waren eigenlijk de eerste organisatoren of bestuursleden van ’t
Smurf?
Huib Michaelis en Rob Hendrikse noemen Egbert Lagerwij,
Eddy Vasseur, en Frans Wattes. Maar er waren er meer. Bab Kamphorst
werd ook genoemd.
Maar vooral de vraag hield ons bezig: hoe is ‘t Smurf eigenlijk ontstaan ? Welke ontwikkelingen gingen daar aan vooraf?
We hebben een theorie: Onder die slagerij van Rob was een kelder beter bekend onder de naam van “de kelder”In deze kelder was een provisorisch bar gebouwd en achterin naast het koelelement een soort podium waar bandjes konden optreden. Aanvankelijk verzamelden een beperkte groep jeugdigen zich daar na schooltijd en draaide daar hun plaatjes op een mono pic-up.
Uit
de herinnering van Huib Michaelis “Ik heb feiten bewust niet
gecontroleerd om mijn herinnering de vrije loop te laten” Rob
Hendrikse vult aan met kleine gegevens.
Eens langs geleden……
was er een slager in Bussum. Ik geloof dat de jaarteller op 1964
stond. Deze slager was de vader van Rob Hendrikse. De goede man is in
dat jaar gestorven. Hoewel hij dat niet heeft beseft, is deze laatste
daad van hem uiteindelijk toch het begin geweest van ’t Smurf.
Hoewel ik hem nooit gekend heb, leeft hij toch nog voort in mijn
gedachte als oer-smurf.
De familie Hendrikse moest de
slagerij onder moeilijke omstandigheden wel voort zetten. Moeder en
oudste zoon Rob, toen pas 16, hebben dat geklaard. Onder de slagerij
is een grote kelder die achterlangs bereikbaar is. Dit is een kelder
op stahoogte en een afmeting van 5x12 meter. Deze kelder werd al snel
omgetoverd in een soort ontmoetingsplaats voor de hangjeugd (lees
vrienden van Rob en broer Joop) in Bussum.

In die tijd ben ik daar ook beland samen met Bart Winter die bij mij op school zat. Uit
die tijd herinner ik mij o.a. Jan Otjens, Lobina Hagen en Josje
Luiken en een jongen Hoying. (Toontje). De kelder
werd provisorisch ingericht. Een houten bar met pic-up, posters aan
de wand, eierrekken aan het plafond en veel zwarte verf op de muur.
Bankjes waren van houtenplanken op een paar stenen. Rietenmatten hier
en daar tegen de muur en stukgeslagen spiegels als mozaïek aan
de wand geplakt waar het podium stond.
Al snel kwamen natuurlijk de meest fantastische plannen om een groot feest te organiseren met een band. Dat was Shock! Aanvulling Rob: met Joop Hendrikse op slaggitaar, zanger Ronald Ronkes, Jacques Bouma was de organist en Timo Hoven op sologitaar. Shock was de huisband en daarna volgden er meer bandjes.
Het eerste kleine poppodium in Bussum was een feit!

Podium
van La Cave Shock
De kelder voorzag in een behoefte vele zondagmiddagen traden er regionale bands op zoals de FLashing Blues. (zie fotoos)
Het werd ook een verzamelpunt voor jonge popmuzikanten die elkaar kritisch beluisterden maar ook ondersteunden.
Maar de toeloop werd steeds groter door het aanbod van live muziek van amateur-bandjes uit het Gooi. Het interieur werd vernieuwd: de houten bankjes werden vervangen door 2de hands rood lederen autobusstoelen met verstelbare rugleuning en de bar werd uitgebreid met meer drankjes.

Huib:
“Ik heb nog met Bart Winter met handgeschreven A-4tjes geplakt
in Bussum om een feest aan te kondigen. Vervolgens drank geregeld met
de buurman en de ellende was compleet, geen vergunning, geen
drankvergunning etc. De toeloop was enorm, veel te veel eigenlijk,
zover in mij kan herinneren, ik dacht dat er wel 150 man in de kelder
toen waren. De krant sprak zelfs van 300 man, Die kunnen helemaal
niet in de kelder, maar misschien wilden ze daar wel in”.
Rob:”
De kelder is 15 bij 6 meter en er waren 180 man binnen! De politie
inval kon niet uit blijven en dat gebeurde dan ook. Het was te vol en
er was geen verkoop vergunning. Overvalwagens voor de deur en alles
werd hermetisch afgesloten en iedereen moest mee naar het bureau”.

Het betekende niet meteen het einde van de kelder. Na de heropening werd het toch drukker en drukker. Hier uit bleek duidelijk dat er grote behoefte was onder de jeugd om elkaar te ontmoeten en live muziek te zien.
Huib:
“We zijn later met de gemeente besprekingen begonnen (wethouder
Boor) over een eventuele veilige voortzetting van de kelder. Dit
bleek niet uitvoerbaar te zijn , te duur voor ons, en toen kwam het
voorstel om eens met het buurthuis De Engh te gaan praten. Daar was
ruimte”.

Wie dit idee, een poppodium voor Bussumse jeugd in buurthuis De Engh, nu verder heeft ontwikkelt en verantwoordelijk is voor de start van ‘t Smurf zal duidelijk worden uit de herinneringen van de bestuursleden van het eerste uur.